INFORMATIE

LEERKRACHTEN

PLAATJES

ZOEK

CONTACT

BESTELLEN

Nieuw in Het Kleine Loo

Moeder van de aardappel

In het voorjaar stopt de boer met een machine aardappelen in de grond. De machine legt ze netjes op een lange rij en bedekt ze met een laagje aarde. Dit heet aardappelen poten. Nu weet je meteen wat een aardappelpootmachine is.

De aardappelen die met de machine zijn gepoot heten moederknollen. Dat is een goede naam want iedere knol wordt de moeder van nieuwe knollen.

Na een paar weken worden de heuveltjes waar de aardappelen in liggen nog wat hoger gemaakt. Zo'n heuveltje heet een rug. Door deze ruggen zijn later de nieuwe aardappelen makkelijker te oogsten.

Uit de moederknol in de grond groeien stengels. Boven de grond komen daar blaadjes aan. Kijk maar naar de tekening. Ook zie je bloemen en besjes. Die besjes mag je nooit eten! Ze zijn giftig. De nieuwe aardappelen die in de aardappelrug groeien kun je gelukkig wel eten.

In september of oktober is de aardappelplant helemaal uitgegroeid dan is het tijd om te oogsten. Het oogsten van aardappelen noem je rooien. De machine die de aardappelen uit de grond haalt heet een aardappelrooier. Meestal oogst de boer een stuk of twaalf nieuwe aardappelen van een plant.

Eigenlijk lijkt een aardappel wel wat op een mens. Als zo'n knol ergens tegenaan stoot krijgt hij ook een blauwe plek. En net als jij heeft een aardappel een navel! Ga maar een aardappel uit de keuken of de kelder halen en bekijk hem goed. Aan één van de korte kanten zit een klein ingedeukt plekje dat is de navel. Op die plaats heeft de knol vastgezeten aan de rest van de plant.

Omhoog