INFORMATIE

LEERKRACHTEN

PLAATJES

ZOEK

CONTACT

BESTELLEN

Nieuw in Het Kleine Loo

FRUITTEELT, Lessen middenbouw


Doelstellingen

Na de vier lessen over fruitteelt kunnen de kinderen vertellen:

- waarom het eten van fruit gezond is

- hoe appels aan bomen groeien

- hoe fruitbomen groeien

- wat de belangrijkste werkzaamheden van een fruit- teler zijn

- welke milieuvriendelijke maatregelen de fruitteler neemt om het fruit gaaf te houden.



Les 1. ORIËNTATIE

In deze les hebben alle kinderen een appel nodig. Laat de kinderen een appel mee naar school nemen. Zorg voor reserve-appels voor kinderen die geen appel bij zich hebben.


Introductie

Nodig: een appel.


Leg de appel op je hoofd en vraag de kinderen welk verhaal hierbij hoort. Vertel het verhaal van Wilhelm Tell.

Gebruik de appel om te laten zien hoe gevaarlijk de opdracht voor Wilhelm Tell was. De vrijheidsheld Wilhelm Tell was een Zwitserse jager. Toen hij weigerde de op een staak geplaatste hoed van de landvoogd te groeten, verplichtte deze hem een appel van het hoofd van zijn zoontje te schieten. Hij deed dit, maar toen de landvoogd merkte dat Tell een tweede pijl bij zich had, waarmee hij de landvoogd wilde doden als hij zijn kind zou treffen, liet hij hem gevangen nemen. Tell wist te ontsnappen en kort daarop schoot hij de landvoogd vanuit een hinderlaag neer. Deze gebeurtenis zou de aanleiding zijn geweest tot een opstand.


- Het nut van fruit eten

Vraag de kinderen of zij fruit eten, welk fruit en hoeveel stuks per dag.

Van alle fruit worden appels het meest gegeten. Als vrucht maar ook in andere vormen, zoals appelsap, appelmoes en verwerkt in koek en gebak.

Iedereen weet dat het eten van fruit gezond is. In fruit zitten namelijk stoffen die kunnen voorkomen dat je ziek wordt. Vraag de kinderen waarom het nog meer goed is om fruit te eten. Antwoorden kunnen zijn: er zitten vitamines in, het is goed voor je gebit, er zitten veel vezels in, je kunt er je dorst mee lessen, je wordt er niet dik van en wat ook heel belangrijk is: fruit is lekker.


Verwerking

Nodig: een aantal messen;

voor elk kind: het werkblad 'Appelblad', een pen of een potlood, een appel, een vel blanco papier, kleurpotloden, een schaar of een prikpen.


Met dit werkblad bekijken de kinderen een appel. Ze onderzoeken de schil, de smaak van de appel, het klokhuis, enzovoort.

Neem de opdrachten met de kinderen door en ga na of ze alle opdrachten begrijpen.


Afsluiting

- Zaaien van appelpitten

Nodig: appels, een mes, bakjes, aarde, plastic folie, een gieter met water.


Na het maken van het werkblad 'Appelblad' zijn er pitten overgebleven. deze pitten kun je zaaien.

Vul de bakjes met aarde en zaai er de appelpitten in. Dek de pitten toe met aarde, duw de aarde aan en geef een beetje water.

Dek de bakjes af met de plastic folie en zet ze op een warme plaats. Na een paar weken ontkiemen de zaden en groeien er plantjes uit. Dat zijn jonge bomen.



Les 2. VOORBEREIDING OP HET BEZOEK

In deze les worden de voorbereidingen getroffen voor het bezoek aan het fruitteeltbedrijf of het bezoek van de fruitteler aan de groep.


Introductie

Nodig: een afbeelding van een fruitboom.


Teken op het bord een kale fruitboom met wortels. Teken aan de takken heel kleine knoppen. Vraag de kinderen in welk jaargetijde een boom er zo uitziet. Hij heeft in de herfst zijn bladeren laten vallen en de sapstroom in de stam en de takken gestopt. De boom haalt geen water en voedsel uit de grond.

In de winter is de grond te koud om er water en voedsel uit te halen. De boom groeit in dit jaargetijde geen centimeter. Pas in het voorjaar als de zon meer kracht krijgt en de grond verwarmt, komt de sapstroom weer op gang.

Teken in de wortels de stam en de takken van de boom hoe het water en het voedsel naar de knoppen gaan. De knoppen worden dikker en als het voorjaar goed doorzet, komen er kleine bloemetjes (bloesem) uit de knoppen. Op die bloemen komen bijen en andere insecten af, die de nectar en het stuifmeel willen hebben om dat zelf op te eten of aan hun kinderen te geven.

Doordat de insecten in de bloemen kruipen, zorgen ze dat er fruit aan de boom komt. Dat zie je al een beetje als de bloemblaadjes afgevallen zijn. Je ziet dan heel kleine knobbeltjes zitten. Dat worden de appels of de peren.

Als de bloesem is afgevallen, beginnen de bladeren te groeien. In het voorjaar en de zomer groeien de takken hard. Maak de takken van de fruitboom langer door er een stuk aan te tekenen.

Teken ook bladeren aan de takken.

Ook de stam groeit: in de lengte en ook in de breedte. In de herfst zijn de kleine knobbeltjes uitgegroeid tot dikke sappige appels die geplukt kunnen worden.


Verwerking

Nodig: voor elk kind: het werkblad 'Vierseizoenenboom', viltstiften, een schaar, lijm.


Met dit werkblad maken de kinderen een fruitboom, zoals die er in de lente, de zomer, de herfst en de winter uitziet. Het kan een appelboom worden, maar de kinderen kunnen er ook een andere boom van maken.

Kopieer voor elk kind het werkblad, zodat elk kind vier bomen heeft. De kinderen knippen de bomen los en schrijven bij elke boom een jaargetijde. Ze letten op dat de jaargetijden elkaar opvolgen. Ze passen de bomen aan het jaargetijde aan door bijvoorbeeld op de lenteboom bloesem, bijen, een vogelnestje en dergelijke te tekenen. Iets dergelijks doen ze ook bij de andere drie bomen.

Als de bomen klaar zijn, maken ze een vouw op de vouwlijn en plakken de bomen met de achterkanten aan elkaar. De bomen kunnen nu rechtop gezet worden.


Afsluiting

- Bloesemtak met bijen

Nodig: voor de takken: een snoeischaar, kale takken, wit of roze vloeipapier, een schaar, lijm, een vaas of een pot met aarde;

voor de bijen: elzenproppen, gele of lichtbruine wol, plastic folie, dun draad, een schaar.

Kijk hier voor het voorbeeld.


Knip met een snoeischaar een paar kale takken van een boom.

Knip van het vloeipapier vierkantjes van ongeveer drie centimeter

 Leg de vierkantjes dwars over elkaar heen, pak ze in het midden vast en knijp er bloemetjes van. Smeer elk bloemetje in met lijm en plak ze op de tak.

Zorg dat aan elke tak dezelfde kleur bloesem komt.

Zet de takken in een vaas of een pot met aarde.

Voor de bijen knip je van de folie twee vleugels die aan elkaar vastzitten. Leg de vleugels op een elzenprop en wikkel de gele of de lichtbruine wol tussen de schubben van de elzenprop.

Hang de bijen aan dunne draden aan de bloesemtakken.

Verdeel daarna de kinderen in kleine groepjes en laat ze met elkaar verzinnen wat ze tijdens het bezoek willen vragen. Schrijf de vragen op als de kinderen dit nog niet zelf kunnen.



Les 3. HET BEZOEK

Lees hiervoor de aanwijzingen in 'Opzet lesproject fruitteelt'.



Les 4. NA HET BEZOEK

Laat deze les snel na het bezoek plaatsvinden.


Introductie

De groep heeft het fruitteeltbedrijf bezocht of heeft bezoek gehad van de fruitteler. Neem voldoende tijd om de kinderen te laten vertellen wat ze gezien gehoord en gedaan hebben.


Verwerking

Laat de kinderen een kort verslag maken.


- Verslag

Nodig: een nietmachine;

voor elk kind: het werkblad 'Wat doet de fruitteler?', een schaar, een pen of een potlood.

Kijk hier voor de antwoorden.


Herhaal in het kort de belangrijkste werkzaamheden van de fruitteler (zie 'Achtergrondinformatie fruitteelt')

Schrijf ze in trefwoorden op het bord.

Op het werkblad staan de belangrijkste werkzaamheden van de fruitteler afgebeeld. Verduidelijk daar waar nodig.

Met de tekeningen maken de kinderen een boekje, waarin ze meteen een kort verslag kunnen schrijven.


- Appelafdrukken

Nodig: appels, een mes, verf, schotels, papier.


Snijd de appels op verschillende manieren doormidden.

Doe de verf op de schotels en doop de appels in de verf. Veeg de overtollige verf aan de rand van de schotel af.

Maak met de halve appels afdrukken op het papier.


- Appelcompote

Nodig: appels (een per kind), suiker, kaneel, vanillevla, beschuiten (een per kind), een mes, een pan, een kookplaat, water, een opscheplepel, schaaltjes en lepels.


Als afsluiting kun je met de kinderen een heerlijke appelcompote maken.

Snijd de appels in vieren, snijd de schil eraf en het klokhuis eruit. Snijd de appels in stukjes.

Breng een halve liter water aan de kook en laat daarin de appelstukjes zacht, maar niet kapot koken. Laat de stukjes afkoelen en strooi er suiker en een beetje kaneel overheen.

Leg in elk schaaltje een beschuit, schep hier de appelcompote op en schenk daar een beetje vanillevla overheen.


Afsluiting

Bekijk met elkaar de verslagen en de afdrukken die gemaakt zijn en eet de appelcompote op. Schrijf de fruitteler een brief om hem te bedanken voor het bezoek.

Omhoog